De Verenigde Staten en België als Geconstrueerde Rechtspersonen

Een Juridische en Governance-Bewustmakingsnota


1. Inleiding: De Staat als Juridische en Economische Constructie

In de klassieke leer wordt de staat voorgesteld als:

  • een soevereine entiteit,

  • gebaseerd op volk, grondgebied en gezag,

  • met democratische legitimatie via representatieve instellingen.

In de moderne praktijk functioneert een staat echter tevens als:

  • juridische rechtspersoon (public legal person),

  • drager van rechten, plichten, schulden en eigendomsrechten,

  • actor in financiële markten en internationale transacties,

  • deelnemer in een complex netwerk van verdragen, instellingen en governance-structuren.

Zowel de Verenigde Staten als België zijn daardoor geen "bedrijven" in vennootschapsrechtelijke zin, maar wél economisch en juridisch geconstrueerde entiteiten die zich deels gedragen als institutionele "corporate" spelers.

Deze nota onderzoekt die realiteit – niet om de legitimiteit van staten te ontkennen, maar om hun feitelijke werking in het internationale financieel-juridische systeem bloot te leggen.

2. Juridische Status en Jurisdictie

2.1 Verenigde Staten

De Verenigde Staten zijn:

  • een federale staat,

  • met eigen rechtspersoonlijkheid in het internationaal recht,

  • opgebouwd uit deelstaten met eigen rechtsordes.

Elementen die relevant zijn voor "gecommercialiseerde" kenmerken:

  • De federale overheid kan contracten sluiten, eigendom houden, procederen en schulden aangaan.

  • Er is een duidelijke scheiding tussen federale jurisdictie (o.a. District of Columbia, federale rechtbanken, federale agentschappen) en de jurisdicties van de afzonderlijke staten.

  • Washington D.C. (District of Columbia) is een federale entiteit buiten de statenstructuur, opgericht bij wet en met aparte bestuurlijke regeling; dat geeft soms de indruk van een "corporate" structuur, maar het blijft publiekrechtelijk.

Belangrijk: termen als "United States Inc." komen wel voor in commerciële databanken, maar dat betekent niet dat de VS een "privaatbedrijf" zijn. Het betekent dat de staat als rechtspersoon ook in commerciële systemen wordt geregistreerd, o.a. om:

  • betalingen,

  • contracten,

  • leveranciersrelaties,

  • kredietwaardigheid

te kunnen beheren.

2.2 België

België is:

  • een federale staat,

  • met eigen grondwet,

  • samengesteld uit gewesten en gemeenschappen,

  • met de "Belgische Staat" als publiekrechtelijke rechtspersoon.

Sinds de bestuurlijke hervormingen (o.a. vóór en na 2012) zijn:

  • federale overheidsdiensten (FOD's),

  • agentschappen,

  • autonome publieke instellingen

steeds verder verzelfstandigd, vaak met:

  • eigen KBO-nummers,

  • aparte begrotingen,

  • bestuursorganen.

België is dus geen "BV", maar opereert wél als institutioneel rechtssubject dat in economisch-juridische termen zeer sterk op een corporate governance-structuur lijkt.

3. Financiële Administratie, Schulden en Internationale Verstrengeling

3.1 Soevereine Schuld en Financiële Governance

Zowel de VS als België:

  • hebben aanzienlijke publieke schulden,

  • geven staatsobligaties uit,

  • onderhouden relaties met centrale banken (Federal Reserve, ECB via de NBB),

  • zijn onderworpen aan rating agencies, marktdruk en internationale afspraken.

Dit leidt tot:

  • financiële disciplinering door markten en instellingen,

  • structurele hervormingsdruk,

  • afhankelijkheid van beleggers en internationale instellingen,

  • steeds complexere financiële regelgeving.

In die zin functioneren staten als "debtor corporations":
zij beheren een balans, een kasstroom en risico's, onder toezicht van:

  • centrale banken,

  • internationale organisaties (IMF, Wereldbank, EU-instellingen),

  • financiële markten.

3.2 Administratieve en Incasso-structuren

In de VS:

  • de IRS fungeert als belastingdienst,

  • met een hybride positie tussen administratieve macht, regelgeving en verregaande incassobevoegdheid.

In België:

  • de FOD Financiën beheert belastinginning,

  • implementeert EU-wetgeving (btw-richtlijnen, douanewetboeken, SRM/BRRD bankresolutiekaders),

  • bewaakt de link tussen nationale inkomsten en supranationale verplichtingen (EU-bijdragen, schuldenmechanismen).

Deze structuren maken van de staat een financieel georkestreerde entiteit:
publiekrechtelijk in vorm, maar economisch en organisatorisch sterk vergelijkbaar met een grote geïntegreerde corporate groep.

4. Monetaire Systemen, Zekerheden en Economische Onderbouw van Staatsmacht

Moderne monetaire systemen zijn gebaseerd op:

  • fiatgeld (USD, EUR),

  • centrale bank-politiek,

  • fractioneel bankieren,

  • en staatsobligaties als "veilige" activa.

Effect:

  • burgers, bedrijven en staten opereren in een schuldgedreven omgeving,

  • de waarde van valuta hangt samen met vertrouwen in de staat en zijn vermogen om belasting te heffen,

  • centrale banken beheren inflatie, kredietkosten en liquiditeit binnen politieke en economische randvoorwaarden.

In de EU:

  • de euro wordt beheerd door de ECB,

  • nationale centrale banken (zoals NBB) werken binnen het Europees Stelsel van Centrale Banken,

  • mechanismen zoals het Single Resolution Mechanism (SRM) en bail-in/bail-out-regimes tonen hoe burgers en bedrijven indirect bijdragen aan systeemstabiliteit van banken en staten.

Vanuit een kritische invalshoek kun je stellen dat:

  • arbeid, belastingcapaciteit en spaargelden
    een vorm van economische garantie vormen voor staatsfinanciering.

Dat betekent niet dat burgers letterlijk "collateral" zijn in juridische zin,
maar wél dat het leven van burgers structureel meestuurt op de kredietwaardigheid van staten en het functioneren van het financiële systeem.

5. Politiek als Governance en Management

Moderne politiek lijkt in vele opzichten op:

  • board governance van een grote onderneming:

Parlementen en regeringen:

  • beheren budgetten,

  • sturen "departementen" en "agentschappen",

  • rapporteren via jaarverslagen, rekeningen, rapportage aan internationale instellingen,

  • hanteren KPI's (schuldgraad, groei, werkgelegenheid, inflatie).

Ministers functioneren de facto als:

  • "portefeuillehouders" (financiën, justitie, defensie, etc.),

  • met verantwoordelijkheden vergelijkbaar met corporate C-level functies.

Maar:
zij blijven democratisch verkozen, onderworpen aan grondwetten, rechtspraak en mensenrechtenkaders.

Vanuit governance-analyse is de parallel met bedrijven interessant:

  • centralisatie van besluitvorming,

  • hiërarchie,

  • accountability,

  • belang van stakeholders (kiezers, markten, internationale partners),

  • reputatierisico.

De burger verschijnt dus enerzijds als democratische actor,
anderzijds als stakeholder / belastingbetaler / economische participant in een systeem dat qua structuur sterk op een corporate omgeving lijkt.

6. Registratie, Transparantie en Commerciële Databanken

Dat staten, ministeries en agentschappen verschijnen in:

  • nationale registers (KBO),

  • internationale databanken (zoals D-U-N-S),

is geen bewijs dat zij "privébedrijven" zijn,
wel dat zij:

  • deelnemen aan contracten,

  • optreden als opdrachtgever of leverancier,

  • kredietwaardigheid en identiteit moeten kunnen aantonen,

  • administratief traceerbaar moeten zijn.

Voor FRLGC is relevant:

  • de dubbele aard van moderne staten:

    • publiekrechtelijk soeverein,

    • economisch ingebed en functionerend in een quasi-corporate logica.

7. Conclusie: De Staat als Geconstrueerde Governance-Entiteit

De realiteit van de 21e-eeuwse staat:

  • niet langer louter "volk + grondgebied + vlag",

  • maar een geconstrueerde rechtspersoon die:

    • schulden draagt,

    • in markten opereert,

    • governance-mechanismen hanteert,

    • onderworpen is aan internationale instituties.

Gevolgen voor de burger:

  • is tegelijk burger, belastingbetaler, economische factor en stakeholder,

  • leeft binnen een systeem waarin:

    • fiscale ruimte,

    • monetaire stabiliteit,

    • internationale verplichtingen

rechtstreeks impact hebben op individuele vrijheid, vermogen en ondernemerschap.

8. Rol van FRLGC in deze Realiteit

Flanders Republic Law Group Corp begeleidt cliënten bij het:

  • doorgronden van deze multilayered staats- en governance-realiteit,

  • structureren van vermogen en entiteiten in lijn met:

    • internationale regelgeving,

    • jurisdictiekeuze,

    • centrale bank- en schuldenmechanismen,

  • beschermen van autonomie via:

    • trusts, stichtingen, holdings,

    • strategische jurisdictieplanning,

    • contractuele architectuur,

    • governance-structuren die risico's mitigeren.

Onze focus ligt op:

  • zelfbeschikking in een systeem dat sterk geïnstitutionaliseerd is,

  • juridische soevereiniteit binnen de grenzen van toepasselijk recht,

  • contractuele vrijheid en internationale naleving als sleutel tot echte strategische bewegingsruimte.